Aandachtig aanwezig I

Deel deze pagina

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on pinterest
Share on email

Een gesprek met zr. Katharina

Ik leef met de vraag hoe wij als Gemeenschap de Hooge Berkt ons alledaagse werk meer zouden kunnen gaan beleven als ‘een oefening in geloof’. Dat wil zeggen dat ik me afvroeg hoe ons dat werk onze contemplatieve grondhouding zou kunnen versterken. Hoe maak je van werk gebed? Zo zou je het ook kunnen zeggen. Tijdens onze gemeenschapsdagen van 2019 hadden wij hier over gesproken en een hele dag, met tal van oefeningen, geëxperimenteerd tijdens het koken, poetsen, klussen en tuinieren. ‘Werken aan onze identiteit’ was het thema van die gemeenschapsdagen. En o.a. daaruit volgde ons jaarthema voor 2020 ‘Aandachtig Aanwezig’.

Ik zocht contact met zr. Katharina. Zij is abdis van een contemplatief klooster. Ik had haar leren kennen tijdens een retraite. Zuster Katharina liet zich informeren over de aard van onze gemeenschap en ik gaf stukjes geschiedenis en vertelde over de recente ontwikkelingen rondom dit onderwerp. Na mijn uitleg gingen haar vragen naar de termen: aandacht, bewustzijn en contemplatie. Het ging om een idee te krijgen hoe het beoefenen van aandacht en bewustzijn er concreet uit kan zien. Ik verwees naar mogelijkheden om bewustzijn te trainen, en discipline, stilte te bewaren, oefeningen in concentratie en focus, ademhalingsoefeningen, ons aanbod in Babels stromen, steeds beter leren luisteren b.v. in liturgie en ontmoetingsavonden, allerlei oefeningen waarmee we ons geestelijk leven vormen. Ik gaf haar een voorbeeld van oefenen van bewuste aanwezigheid in de keuken tijdens de afwas. Als je daar steeds probeert in verbinding te blijven met het geheel (anderen-werk-ruimte) zou het volume aanzienlijk dalen en het werk meer ‘gebed’ kunnen worden. Dan gaat niemand op de ‘automatische piloot’, kunnen twee afdrogers zich niet geheel verliezen in een geanimeerd gesprek, de afwasser enkel in zijn eigen werk en lopen we elkaar niet voor de voeten of in de weg. Niet dat het nu allemaal ‘verkeerd’ maar vanwege de unieke kans om samen ‘aandachtige aanwezigheid’ te beoefenen.

‘Dat is de reden’, zei zuster Katharina, ‘dat wij de afwas in stilte doen’. – Terzijde: Nu wil ik niet zeggen dat wij dat ook moeten doen! Integendeel, maar wél kijken naar de uitdaging om zonder zo’n regel samen het geestelijk klimaat te bevorderen tijdens de afwas. Dit is maar een voorbeeld.

Vervolgens vroeg de zuster of ik dacht dat zij dan zo vol aandacht en bewust hun werk deden maar we kwamen uit op de noemer dat het niet zozeer om het resultaat gaat als wel onze intentie en inzet om ons geloof in ons alledaagse werk te beoefenen.

Zuster Katharina verblijde mij met een aantal mooie reflecties die ik hier graag wil weergeven:

Als eerste viel het haar op dat ik over dit onderwerp sprak vanuit een totaal andere achtergrond dan waar zij zich bevindt. Het gaat, volgens haar, in eerste instantie om de fundamentele richting die gekozen is en daarin wijkt de Hooge Berkt af van de Trappistinnnen. In óns gemeenschapsleven staat het sociale aspect meer op de voorgrond, vanuit die behoefte is ze ook ontstaan, terwijl zíj resoluut in stilte samenleven en vóór alles de weg naar binnen verkozen hebben. Zij doet de interessante waarneming dat bij hen steeds meer het tekort aan onderlinge verbondenheid en ondersteuning in het gaan van die geloofsweg opvalt, en dat bij ons het sociale aspect ten koste dreigt te gaan van het zich verdiepende. Beide tendenties vallen niet zomaar radicaal te combineren, wist ze, maar we voelden ieder op onze eigen manier aan hoe verschillend we ons in dit spanningsveld bewegen.

Vervolgens vertelde de zuster dat zij niet spraken over ‘aandacht’ en ‘bewustzijn’ maar over ‘Memoria Deï’. Maar natuurlijk lukt het ons niet om aldoor aan God te denken en dat moet ook niet zo zijn, voegde zij er aan toe. Net zo min als dat we volledig in beslag genomen moeten worden door onze partner of andere geliefden. Het gaat er niet om dat je die aldoor vooraan in je gedachten hebt maar om ‘een zachte ondertoon’, een weten dat je staat op het fundament van die liefde en genegenheid. Dat is in feite waar het in die geloofsbeoefening om gaat.

Het verband van geloofsbeoefening met het dagelijkse werk vatte ze samen met: ‘het gaat er niet om dat je doet wat je wílt doen, maar dat je wílt wat je doet’. Ons dat herinneren tijdens ons werk is al de mooiste oefening die ik me voor ons bedenken kan.

En als laatste merkte ze op dat het ‘in zes stukken snijden van de dag’ (waardoor zij steeds blokken van twee uur voor hun activiteiten hebben) volgens haar bij uitstek heilzaam en productief is. Ze hoort vaak van mensen dat ze zich dat niet kunnen voorstellen maar ze zegt dat juist die discipline hun innerlijk leven verzameld en gericht houdt.

Wij waren beide verheugd in ons gesprek en zuster Katharina was bereid om hier verder met ons over in gesprek te geraken. Een week of zo later stuurde ze me een artikel over het boekje van Evelyn Underhill: “Het spirituele leven, mystiek voor het alledaagse”.

Mariek de Jong

Aanmelden

Wil je je aanmelden voor deze activiteit? Vul het formulier zo volledig mogelijk in. Mocht je vragen hebben, dan kun je contact opnemen.