Aandachtig aanwezig VII

Deel deze pagina

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on pinterest
Share on email

In gemeenschap

Literatuur: Exodus boek van de bevrijding van de auteur Jonathan Sacks, 2019.

Het boek ‘Exodus, boek van de bevrijding’ van Jonathan Sacks, gaf Heleen mij te leen met het dringende advies het te lezen. Een aanbeveling die ik even dringend kan herhalen.
In tal van beschouwingen doorgrondt Sacks het boek Exodus tot op haar essentiële betekenis voor alle samenlevingen in alle tijden. En dus leken sommige stukken precies geschreven te zijn voor mij en ons in gemeenschap hier op dit moment. Dwars doorheen al onze perikelen rondom huurcontracten, huisvesting, ziekte en krappe bezetting ging ik steeds beter verstaan dat wij als gemeenschap, gemeenschap kunnen blíjven als we het huis van God blijven bouwen, zowel in de geest als in de stenen, naar Zijn voorbeeld.

Sacks beweert dat mensen in aanleg moreel gevoel hebben en natuurlijke gevoelens van empathie en sympathie. Dus ja: ‘de meeste mensen deugen’. Maar daarnaast, zegt hij, zijn we ook sociale dieren en dat maakt dat de processen in samenlevingen anders verlopen dan bij individuele mensen. Zo kan het gebeuren dat we ‘en masse’ anders handelen dan dat we zouden doen wanneer we alleen zijn. Dat hebben we in het verleden meerdere malen meegemaakt en, zoals Sacks opmerkt, maken we het nu weer mee in onze multiculturele samenlevingen. We ontdekken steeds meer dat tolerantie alleen niet genoeg is. Tolerantie negeert namelijk de verschillen terwijl een streven naar ‘multiculturisme’ er bij ieder punt een kwestie van maakt.

Zoals het in grote samenlevingen is, zo kan het ook zijn in kleine samenlevingen als de onze. Ook in onze gemeenschap neemt de onderlinge verscheidenheid toe en het ziet ernaar uit dat dat in de toekomst niet minder wordt. Wij kunnen dus leren van Sacks die zich afvraagt waar het bij de opbouw van een natie feitelijk om gaat. Sacks verwijst ons naar Mozes; die kent het antwoord op deze vraag. Mozes namelijk smeedt een samenhangend geheel uit een losse groep van ontsnapte slaven, weerbarstige lui, afkomstig uit zeer verschillende clans en families. Ze klagen steen en been en stellen hem voortdurend op de proef. De gemeenschap die Mozes daarvan smeedt heeft zó’n krachtige identiteit dat het, verstrooid en zwervend over de hele wereld, al meer dan 3.000 jaar als de natie blijft bestaan die toen gevormd werd. Stukje bij beetje ontrafelt Sacks de geheimen van Mozes*.

Dat geheim van Mozes is even simpel als geniaal en iedereen kent het. Mozes verwijst naar God en hij openbaart ons Diens woord. God belooft ons een eigen land en geeft ons de opdracht Zijn huis te bouwen. Vrijheid en verantwoordelijkheid. De aanwijzingen voor de bouw van Gods huis zijn zeer specifiek en gedetailleerd. Je zou kunnen zeggen dat God met zijn instructies van ieder punt een kwestie maakt. We bouwen dat huis naar het voorbeeld dat ons door God gegeven is. Dat wil zeggen we bouwen Zijn aardse woning zoals Hem dat voor ogen staat in de hemel; zo boven zo beneden. En we bouwen het volgens het principe: ‘zo binnen, zo buiten’: binnen is ín onszelf, daar waar wij ‘weten’. Zoals het ín ons is brengen we het in de materiele werkelijkheid. Zo bouwen we het sámen, met elkaar, iedereen doet mee. En in dat meedoen ligt  het tweede deel van Mozes’ geheim. Dat is dat iedereen iets mee moet brengen voor God. Dat wil dus zeggen dat iedereen investeert. Daarbij blijkt dat iedereen iets anders te geven heeft en dat elke bijdrage gewaardeerd wordt.

We bouwen onze gemeenschap met de talenten en middelen die ieder van ons ter beschikking heeft; die brengen we met zijn allen samen. Zo brengt het huis dat we bouwen ons samen, het wordt van iedereen en iedereen wordt medeverantwoordelijk.
Grondgedachte hierbij is dat niemand individueel alle noodzakelijke middelen heeft om te overleven; mensen hebben een samenleving nodig,  hebben elkaar nodig. Juist vanwege die verschillen, vanwege dat anders zijn van die ander.
Een simpel geheim dus: samen werken aan de bouw van Gods huis en daarin geven wat juist jíj te geven hebt. Samen leven en werken met die verschillen is ook erg moeilijk. Het succes van Mozes en zijn volk is daarom dan ook geniaal.

Sacks zegt: ‘er zijn leiders nodig die het handelen van mensen reguleren zodat de natuurlijke variëteit gecompenseerd wordt door uniformiteit van de wetgeving en de samenleving goed geordend raakt’. ‘Leiders,’ zegt hij ‘zijn mensen die een samenleving kunnen opbouwen’. En: ‘Te veel gezag bedreigt de individualiteit en bij te weinig dreigt de anarchie’. Evenwicht is alles. Dat is een spanningsveld dat wij, in onze gemeenschap die zo aan het veranderen is, heel goed kennen.

Aandachtig aanwezig zijn in gemeenschap beweegt ieder van ons. Zo bewegend bewegen we elkaar en raken alle niveaus en alle deelaspecten van de gemeenschap bewogen. Op die manier roepen we onszelf en elkaar steeds weer op tot aandachtige aanwezigheid en blijven we een levende gemeenschap die antwoordt op wat de gegeven omstandigheden van ons vragen. Daarbij brengt het ieder persoonlijk steeds weer bij de vraag: ‘waar sta ik nu in deze gemeenschap?’ Hoe bouw ik mee aan dit huis, wat breng ik in van mijzelf?

Sacks zet het volk rond Aäron en de gemeenschap van Mozes naast elkaar. Hij beschrijft het volk, dat samen is vanwege een belofte naar vrijheid maar dat wezenlijk ontworteld is en zonder innerlijke samenhang. Dat volk raakt in een impasse door de afwezigheid van Mozes en verwordt tot een losse menigte, tot gepeupel dat zich om Aäron verzamelt en van hem eisen dat hij een god maakt die voor hen uit gaat. Ná die toestand met dat gouden kalf gaat Mozes voor de tweede maal de berg op, komt terug met de stenen tafelen en is het Mózes die de hele gemeenschap van Israël verzamelt in de geboden en opdracht van de Heer.

Mozes kent Gods woord maar kan niet zonder Aäron. Dat werd al duidelijk bij de brandende braamstruik. Aäron kan spreken en voorgaan maar kan dat niet zonder Mozes. Dat wordt hier aan de voet van de berg duidelijk. De vraag is wat doet het volk? Dat is de vraag die ik me steeds stel bij aandachtig aanwezig als gemeenschapslid: waar ben ik ontworteld en ontredderd en verzamel ik me voor een oplossing rondom Aäron, en waar open ik me voor Mozes met ‘de boodschap van God’ en biedt ik mijn talenten aan om deel uit te maken van de gemeenschap die Zijn huis bouwt?

Mariek de Jong

*) Voor een uitvoerige en boeiende uiteenzetting hierover zie hoofdstukken X en XI in ‘Exodus, boek van bevrijding’ van Jonathan Sacks. Dit boek is een deel uit de serie ‘Verbond en dialoog, joodse lezing van de Tora’, Uitgeverij Skandalon.

Aanmelden

Wil je je aanmelden voor deze activiteit? Vul het formulier zo volledig mogelijk in. Mocht je vragen hebben, dan kun je contact opnemen.