Kapelverhalen: Herinneringen van Harrie

Ooit was de kapel een kippenschuur. In de jaren zeventig werd zij verbouwd tot kapel. In 1990 was ze te klein geworden en werd ze opnieuw verbouwd. Nu, weer 25 jaar later, gaat de kapel voor de derde keer verbouwd worden. Een bijzonder moment om herinneringen aan de kapel op te halen bij de mensen voor wie de kapel al die jaren een centrale plaats in hun leven heeft gehad. In deze bijdrage deelt Harrie zijn herinneringen aan de Roeach, onze kapel.  

Herinneringen aan de Roeach

  • Naam Roeach geeft ruimte, beweging, niet vast te pakken
  • Dood van Kees van de Heijden, 7 januari 1977
    Kees was hier blijven wonen na zijn Exodus periode. Hij was werkzaam in het kadaster in Eindhoven en ik werkte in de binnenstad. Samen dronken we koffie op de markt tijdens de lunchpauze. Tijdens de zangrepetitie in de Roeach zakte hij in elkaar en overleed ter plekke. Die avond zou ik in retraite gaan, maar dat was niet het goede moment.
  • Tafelgebed met de muziek van Aranjuez, zoals Rie ook al schreef in haar bijdrage
  • De zangrepetitie in de Roeach
  • Tijdens de Pinksterdienst kwam eens door de openstaande deur een duif binnenlopen. Toen heeft Grad met z’n Franciscaanse handen de duif weer de ruimte gegeven
  • Een uitvoering, concert, van Gospodi. Zoals ze in een klein kringetje naar elkaar toe stonden en zongen heeft me aangegrepen (mijn zus en zwager had ik hiervoor uitgenodigd, zij draait wekelijks wel een keer de CD van hen)
  • In een periode waarin ik niet zo goed in mijn vel zat wilde ik bij de verjaardag van Toon een voorbede doen. Maar ik had geen woorden. Toen heb ik mijn schoenen uitgedaan en voor het altaar staan jongleren.
  • Vanaf de eerste gebedsruimte hing er een grote tentpin in de ruimte. Symbool van tentpinnen verzetten, nieuwe wegen gaan, ruimte scheppen Tussen Ons In
  • Vele dopen, trouwerijen, begrafenissen

Harrie Verweijen

Kees

Je hebt de strijd gestreden
tot je viel-
het was te vroeg-
God nam je te voorbarig
Juist jouw geloof
leidt zeker niet tot
een meewarig
berustend bidden
voor je trouwe ziel

De scherpe lijnen van
je ongekend bestaan
zijn in de dood tot aan
een glimlach uitgeleden
Wij hebben maar
op goed geluk gebeden –
Want wáár – in Godsnaam –
zwijg je nu vandaan?
Je hebt geen vroege dood verdiend
vanwaar dan vrede?
               
Het enig zekere –
wie van Jezus heeft geweten
zal zich herinneren
Hij zal je niet vergeten
’t was niet voor niets tenslotte
– Kees –
neem dat maar aan

7 januari ‘77

Lees hier het verhaal van Gerard over de kapel

Lees hier het verhaal van Antoinette over de kapel

Lees  hier het verhaal van Riëtte Beurmanjer over de kapel

Lees hier de verhalen van Rie Trienekes,  Koos van Etten en Dit de Vlieg

Kapelverhalen: Mijmeringen van Gerard

Ooit was de kapel een kippenschuur. In de jaren zeventig werd zij verbouwd tot kapel. In 1990 was ze te klein geworden en werd ze opnieuw verbouwd. Nu, weer 25 jaar later, gaat de kapel voor de derde keer verbouwd worden. Een bijzonder moment om herinneringen aan de kapel op te halen bij de mensen voor wie de kapel al die jaren een centrale plaats in hun leven heeft gehad. In deze bijdrage deelt Gerard zijn verhaal

De kapel en ik
Drie keer per dag probeer ik in de kapel te zijn. Telkens als er iets te doen is. Toch heb ik geen flamboyante verhalen. Gebeurt er eigenlijk wel iets?

Er is een verhaaltje over een jonge monnik die zich beklaagde over de saaie diensten, telkens weer. Een oude medebroeder zei hem: “Het is als met sla. Al het water loopt erlangs af. Toch verfrist het de sla”.

Ik zing de liederen mee. Ik hoor de woorden. In de loop der jaren zijn er teksten mij eigen geworden. Ze zitten in mijn lijf en springen soms ineens naar boven. Het is als met een geitenpaadje. Door dagelijks hetzelfde weggetje te gaan is er in mij een harde ondergrond ontstaan.

Ik blijf doorgaan met drie keer per dag naar de diensten te gaan. Ze verfrissen mijn leven. Ik wil wonen in het huis van de Heer. Grond om op te staan.

Gerard van de Ven

Lees hier het verhaal van Antoinette over de kapel

Lees  hier het verhaal van Riëtte Beurmanjer over de kapel

Lees hier de verhalen van Rie Trienekes,  Koos van Etten en Dit de Vlieg

Kapelverhalen: Het verhaal van Antoinette

Ooit was de kapel een kippenschuur. In de jaren zeventig werd zij verbouwd tot kapel. In 1990 was ze te klein geworden en werd ze opnieuw verbouwd. Nu, weer 25 jaar later, gaat de kapel voor de derde keer verbouwd worden. Een bijzonder moment om herinneringen aan de kapel op te halen bij de mensen voor wie de kapel al die jaren een centrale plaats in hun leven heeft gehad. In deze bijdrage deelt Antoinette haar verhaal

Overgang van gemeenschapsruimte naar huidige kapel
In 1973 kwam ik voor het eerst in wat nu de ‘gemeenschapsruimte’ van de boerderij heet, toen was het kapel. Het was klein, knus, te klein feitelijk. Met velen zaten we op de grond. Enkele voorwerpen troffen me, zoals het kruisje, dat van pater Jan bleek te zijn dat hij gekregen had bij zijn priesterwijding. De geglazuurde kelken en broodschaal afkomstig uit Taizé, waar men als 1e besloot een gemeenschap te vormen. De zelfgemaakte knielbankjes en de robuuste tafel. En niet te vergeten de bel van Ria Huismans, de 1e gast bij de familie Klomp, overleden in 1974. Er was een stille serene sfeer ondanks dat we op elkaar stonden en/of zaten als haring in een tonnetje. De verhuizing naar de huidige kapel gaf ademruimte. De sfeer bleef behouden.

Aankleding
De hal van de kapel werd aangekleed met twee prachtige grote kunstwerken: een ingelijste poster met de tekst “ik heb een droom”. Vlak bij de buitendeur kwam een groot kunstwerk van de tien geboden te hangen gemaakt door een schoonzus van Pater Jan. Verder direct bij binnenkomst in de kapel, het beeld ‘corpus zonder handen’, gekregen van de familie Wittgen.  Iconen kwamen er ook bij en dan veelal door leden zelfgemaakt. De vele liturgische werken van Walle[1], de doopvont gemaakt door Mark van Roosmalen. Kenmerkend is dat alles een verhaal had met een levende verbinding van mensen of kwesties die bij ons hoorden. En tenslotte de wereldbol om een belangrijk aspect van onze missie zichtbaar te maken.

Stijl
Stil en ingetogen, met de bedoeling om de plek als heilige plek, te waarborgen. Ik heb jaren iedere dag de gebedenboeken op ieder krukje recht gelegd, krukjes recht gezet en afgestoft.  Nauwelijks meer voor te stellen is dat “de leerlingen van de chassidiem” het “doopkleed” (gebedsmantel) droegen, met zwarte gelakte schoenen eronder. Ik was blij toen die gewoonte verdween. Immers “bekleed je met de nieuwe mens,” wat de mantel symboliseerde, was in mij een innerlijke gewaarwording, deze hoefde niet een uiterlijk vertoon.  

Gemeenschappelijke feesten, begrafenissen en doopplechtigheden.
In de vele begrafenissen, bruiloften, doopplechtigheden kwamen in onze kapel het leven en vieren samen. Als men dan de loftrompet blies over deze bijzondere momenten dan was het Nel die zei: “Het heeft pas echt betekenis als er sprake is van een continuïteit van iedere dag bidden en samenzijn”. Als je de stugheid daarvan ook tegenkomt. De gebedsdiensten zijn een gave en ook opgave. Pas dan kan een feest of afscheid een extra dimensie krijgen.

Pinksteren, feest van de liefde.
Voor mij waren de momenten van Pinksteren heel kenmerkend. In 1984 sprak ik mijn Pinksterbede uit, samen met Anneke en Gerard en Paula Vis. Ik beschouwde dat als een trouwbelofte waarbij de gemeenschap zich bond aan mij en ik aan haar zolang en zoals God het wil. Het was voor veel van ons het hoogtepunt van het jaar waar. Tijdens deze zg. “evangeliedagen” (later gemeenschapsdagen) werd op grond van de ervaringen van het afgelopen jaar richting gegeven aan het nieuwe jaar. In latere jaren bevestigden we tijdens de Pinksterdagen ons lidmaatschap aan de gemeenschap per jaar. Het strenge karakter van verplichte aanwezigheid op feesten en hoogtijdagen van toen is nu losgelaten.

Opnieuw een overgang
Onze kapel is op een enkel moment na te groot geworden. Het deelnemen aan elke gebedsdienst staat niet meer voor iedereen centraal. Zal ik deze ruimte missen? Vast, maar de werkelijkheid heeft dat leven ingehaald. Het is ooit klein begonnen en zo is het ook nu weer. Ik vertrouw erop dat de verbouwing opnieuw ademruimte zal geven, waarbij de sereniteit en verhalende verbondenheid van eigen mensen bewaard blijft.  

Antoinette Zoontjens

Lees  hier het verhaal van Riëtte Beurmanjer over de kapel

Lees hier de verhalen van Rie Trienekes,  Koos van Etten en Dit de Vlieg

[1] Het liturgisch meubilair, het logo-kruis, de tabernakel oa.

Hier staan we

Voor deze veertigdagentijd is in de gemeenschap het thema: ‘Hier staan we’ gekozen.

Dit thema is aangedragen vanuit het besef dat we met de dreigingen van deze tijd, meer dan ooit positie moeten kiezen. Dit riep de vraag op naar de grond waarop we staan.

Het thema werd verder uitgewerkt naar het drieluik:

  1. Geworteld zijn, onze individuele en gezamenlijke wortels,
  2. Hier staan wij (voor) en
  3. Dit staat ons te doen.

Dit alles wijst niet alleen naar onszelf maar staat ook in het licht van deze weg met Jezus gaan. Hij die staat voor waar Hij in gelooft. Ten diepste verbonden met de Vader weet hij wat te doen, zijn weg te gaan, tegen de stroming van de tijd in.

Als verbeelding staat er een boomstronk met wortels in de kapel.  

Vanuit gemeenschap De Hooge Berkt wensen we ieder een zegenrijke veertigdagentijd toe.

Feest in de kapel

Joke vierde haar 35-jarig ambtsjubileum met een passende voorstelling ‘De Bijbel gezongen’ uitgevoerd door Kees Postumus en Dirk Overbeek

Kees Postumus is verha­lenverteller en kerkjournalist. Hij werd opge­leid tot onderwijzer en studeerde vijf jaar theologie in Nijmegen en Utrecht. In 2002 startte hij een eigen bedrijf als verteller: “Kees Posthu­mus Vertelt”. Sindsdien gaf hij hon­derden voorstellingen in het hele land, in kerken en kroegen, in tuinen en op schepen. Daarnaast werkt hij ook als kerkjournalist. Hij wijdt zich al een hele tijd vooral aan vertellen, schrijven en als dagvoorzitter is hij ook regelmatig actief.

De Bijbel Gezongen
Begeleid op accordeon en piano door Dirk Overbeek zong verhalenverteller Kees Posthumus zowel poëtische als cabareteske liedjes, meezingers en gospels, Ierse kroegliedjes en musicalrepertoire.

Er zijn heel wat Bijbelse liedjes geschreven en vele vonden hun weg naar het Liedboek voor de kerken. Serieuze liedjes, met doordachte serieuze melodieën, geschikt voor samenzang in de wekelijkse kerkdiensten.

Kees Posthumus zoekt het in een andere hoek. Ook kleinkunstliedjes, popmuziek, cabaretliedjes en meezingers vertellen de verhalen van God en mensen. Adam en Eva kunnen zomaar verliefd worden op melodie van ‘Summernight’ uit Grease. Jacob en Elia komen voorbij in de gospels ‘Jacob’s ladder’ en ‘Go like Elijah’. Jona beleeft zijn avonturen beleven op de tonen van de Ierse evergreen ‘The wild rover’. Het Hooglied vindt vertaling in een liedje uit de musical Foxtrot. En zo verder, en zo voort. En er kan regelmatig meegezongen worden!

Wat hierboven staat is de omschrijving van de voorstelling die Joke cadeau heeft gedaan aan de gemeenschap ter ere van haar 35-jarig jubileum als predikant. De kapel was op een heel eenvoudige maar effectieve aangepast aan het speelveld van Kees Posthumus en Dirk Overbeek. In vlot tempo werden de bijbel doorgezongen. Nogal eens werden we op het verkeerde been gezet, op humoristische, soms spitsvondige en dan weer ontroerende manier. Eerlijk gezegd moest ik in het begin even wennen, dacht even dat ik bij een -minder gladde- broer van André Rieu was beland, maar voordat ik helemaal in de meezing modus werd geduwd, kwam er genoeg onverwachts en spannends voorbij. En ze hielden niet alleen het tempo flink hoog, Kees zong goed en Dirk begeleidde prachtig. Een verrassende voorstelling dus, een heel mooi cadeau!

Michiel

ZOKA goes back to its roots (1994)

Wat een feest nu weer, het ZOKA op bezoek! (voor de geleerden Zomerkamp en voor de intimi ook wel bekend als “Ad Fundum et Emergo”)

Voor velen een hartelijk weerzien, voor andere een vrolijke kennismaking met onze Gemeenschap. Reden genoeg om de deuren wijd open te zetten voor zo’n dertig jongeren, voor een gezellige lunch, diverse activiteiten, een vuurtje (want koud dat was het wel een beetje) en tot besluit een verrukkelijk glaasje wijn uit Thorn van onzen Jan (Kesthor wijnen) of fris.

Twee Irene’s en nog enkele andere creatievelingen hadden een mooi programma samengesteld wat uitlegde wat de leven in gemeenschap betekent. Hanneke gaf een minicursus zang in de kapel, er waren buiten in binnen doe-dingen. Erg leuke middag voor iedereen en ter afsluiting werd er natuurlijk heerlijk gekookt! Het bracht ons allemaal weer veel spontaniteit en roering!

NB: Het ZOKA bestaat alweer dertig jaar en kwam oorspronkelijk voort uit jongeren zeilweken vanuit de Hooge Berkt

Dank namens allen! Jules